English (United Kingdom) Nederlands (NL-BE)
Naar een verkiezingsprogramma (2)
Jobs Geluk en Wouters Wijsheid
Donderdag 01 April 2010 11:04

De verkiezingsprogramma’s worden in razend tempo gepubliceerd. Groen Links, de SP en het CDA zijn al klaar. Er is veel aandacht voor het openbaar bestuur. Terwijl de oorzaak van de financiële crisis in de marktsector ligt, krijgt het openbaar bestuur de rekening gepresenteerd. Wat opvalt is dat de voorstellen vooral gericht zijn op de interne organisatieproblemen van de overheid en niet op de maatschappelijke problemen die via publieke organisaties moeten worden opgelost. Het ontbreekt aan analyses van de problemen die op ons afkomen. Als je leiderschap in de Nederlandse politiek wilt tonen, dan zul je eerst de inhoudelijke uitdagingen van het land centraal moeten stellen. Oud premier Lubbers heeft gelijk dat een nieuw kabinet een ethische basis dient te hebben of een duidelijke missie moet formuleren. Welke vraagstukken komen op ons af?

1. De geopolitieke verschuivingen in de wereld. Naar mijn mening bevinden de Verenigde Staten zich in dezelfde positie als Engeland na de Tweede Wereldoorlog. De VS als supermacht krijgen het zwaar omdat de macht zich verschuift naar de opkomende economieën zoals China, India, Zuid Afrika, Rusland en Brazilië. Deze opkomende landen zullen hun plaats opeisen binnen de internationale organisaties die gebaseerd zijn op de oude machtsverhoudingen van na de Tweede Wereldoorlog. De internationale organisaties zijn aan hervormingen toe, omdat het logge organisaties zijn geworden die weinig effectief handelen. De Nederlandse buitenlandse politiek zal zich moeten heroriënteren. Dat geldt ook voor de ontwikkelingshulp. Het automatisme een vast percentage van het Bruto Nationaal Product te besteden aan Ontwikkelingshulp is aan heroverweging toe. Er lijkt onder de Nederlandse bevolking veel steun te bestaan voor kleine initiatieven.  

2. Het energievraagstuk. De economieën draaien wereldwijd op fossiele brandstoffen en deze zijn zoals wij weten eindig. Nu slapende reuzen (ik bedoel de economieën waarvan de consumenten uit China en India beginnen te consumeren, zal de jacht naar grondstoffen zeer intensief worden. China is nu al hyperactief op het Afrikaanse continent. Door spaarzaamheid, innovaties en wind en zonenergie kunnen wij in Nederland veel bereiken, maar het is onvoldoende om de economieën aan de praat te houden. De discussie over kernenergie zal in Nederland opnieuw moeten worden gevoerd. Het is huichelachtig dat wij zelf geen kernenergie willen, maar het wel importeren. De prijs van energie zal in de toekomst fors stijgen. Dit betekent dat wereldwijd  de spanningen tussen landen zullen toenemen.

3. De klimaatverandering en de stijging van de zeespiegel. Er is veel onduidelijkheid over het vraagstuk van de klimaatverandering en de stijging van de zeespiegel, maar de Nederlandse delta is kwetsbaar. We zullen aan deze problemen moeten werken. De CO2 uitstoot zal wereldwijd omlaag moeten.   

4. Het watervraagstuk verdient aandacht, maar ligt in Nederland lastig omdat wij aan de ene kant over voldoende water beschikken of er zelfs in de toekomst door overspoeld raken, maar aan de andere kant weten wij dat water wereldwijd schaars wordt. Om spanningen en oorlogen te voorkomen zullen wij met de schaarste aan water moeten omgaan en watertechnologie sterk moeten stimuleren.

5. De economie en de arbeidsmarkt in Nederland hebben een extra impuls nodig en moeten gericht zijn op ondernemerschap en innovatie. De Nederlandse poldereconomie is nog teveel gericht op de klassieke industrie terwijl wij al lang een ver ontwikkelde diensteneconomie zijn. Ook in een kenniseconomie zijn innovaties mogelijk. De arbeidsmarkt zal meer flexibel moeten zijn om de wereldwijde concurrentie aan te kunnen. De groei van het aantal ZZP’ers geeft daarnaast aan dat mensen graag voor zichzelf willen werken en geen zin meer hebben om binnen hiërarchische organisaties te werken. Deze ontwikkeling moet worden gestimuleerd omdat het tot innovaties kan leiden.

6. De kwaliteit van het onderwijs heeft in Nederland een dieptepunt bereikt. Ondanks bezwerende formules van beleidsmakers loopt de kwaliteit van het onderwijs nog steeds hard achteruit. De talenkennis van scholieren is matig. Vele Nederlanders spreken en schrijven hun talen niet meer goed waardoor wij een concurrentievoordeel aan het verliezen zijn. Het kwaliteitsverlies geldt op alle niveaus in het onderwijs. Onderwijzers, leraren en hoogleraren zijn overal mee bezig, behalve met hun hoofdtaak. In het algemeen worden studenten onvoldoende uitgedaagd. Men is in sommige vakgebieden al tevreden als studenten slechts vier uren college per week volgen.

7. De gezondheidszorg. De gezondheidszorg is van groot belang omdat de Nederlandse bevolking sterk aan het vergrijzen is. De gezondheidszorg zal efficiënter moeten werken. Het probleem is dat vraag en aanbod in de gezondheidszorg altijd zullen toenemen. Het aanbod creëert steeds meer mogelijkheden om ziekten te genezen, terwijl de patiënten steeds meer vragen. Eigen bijdragen van de patiënten kunnen niet uitblijven om de gezondheidszorg bedrijfseconomisch gezond te maken en hypochonderbezoeken aan huisartsen en ziekenhuizen te voorkomen.    

8. Verkeer en Vervoer. Een samenleving kan zich niet permanente files permitteren. Er moet meer geïnvesteerd worden in een hoogwaardig openbaar vervoer en nieuwe oplossingen voor de verkeerscongestie moeten met kracht worden gestimuleerd. Ingewikkelde bureaucratische oplossingen moeten worden voorkomen. In plaats van ingewikkeld rekeningrijden met een complexe bureaucratie zouden alle belastingen op het gebruik van auto’s aan de pomp kunnen worden verrekend.  

9. Het integratievraagstuk. Dit blijft zonder meer de belangrijkste uitdaging voor de Nederlandse samenleving. Nederland is altijd de wereld ingetrokken, maar nu de wereld in Nederland komt schrikken wij. De Nederlandse bevolking meent altijd dat zij tolerant is geweest, maar de aantallen en de diversiteit leiden nu tot problemen. Het is echter een illusie te denken dat deze ontwikkeling halt zal houden. We schaffen het gebruik van de termen allochtoon en autochtoon af omdat wij allemaal Nederlanders of Europeanen zijn. Van belang is wel dat nieuwe Nederlanders kennis hebben van de Nederlandse taal en van de Nederlandse en Europese geschiedenis. Cruciaal is dat mensen die zich hier vestigen mee willen doen aan de samenleving en een bijdrage willen leveren aan de economische groei. Daarnaast dient er aandacht te zijn voor de Nederlanders die het meeste te maken hebben met de veranderingen in de samenleving.   

10. Democratische en bureaucratische vernieuwing. De politiek en de bureaucratie dienen anders te werken dan in het verleden. Verkokering is het grootste probleem van de bureaucratie. Het is echter te simpel om departementen samen te voegen, bestuurslagen op te heffen en ambtenaren te ontslaan als er geen analyses van de maatschappelijke problemen worden gemaakt. Wel is duidelijk dat de politiek en de bureaucratie anders en vooral slimmer moeten opereren. De politiek en de bureaucratie dienen rondom maatschappelijke problemen te worden georganiseerd, waardoor integratie van beleid mogelijk is. Bezuinigingen op het aantal ambtenaren kan pas plaatsvinden nadat wij een analyse van de belangrijkste problemen hebben gemaakt.    

Een duurzame innovatieve economie

Ik zal later nog op andere punten ingaan. Maar als wij nu naar de kern van bovenstaande problemen kijken, dan betekent het dat vele goederen die wij in de economische wetenschap in het verleden als vrije goederen definieerden - water, energie en zuivere lucht - zo schaars zijn geworden dat zij als economische goederen kunnen worden gedefinieerd. De sleutel van het economische herstel ligt in het creëren van een duurzame innovatieve kenniseconomie. Er is dus een transformatie van de economie nodig. Als wij de bevolking daarop verenigen zal dit energie vrijmaken en zal er ook economische groei plaatsvinden. Dit programma lijkt inhoudelijk te wijzen op een Paars+ coalitie, maar getalsmatig is dit nog geen gelopen race.